Rubriek 12:Eco toxicologie

12. Milieu-informatie (gedrag en effecten van de stof in lucht, water of bodem; persistentie en afbraak, bioaccumulatie …).
Beschrijf de mogelijke effecten, het gedrag en de milieubestemming van de stof of het preparaat in de lucht, het water en/of de bodem. Verstrek, voorzover beschikbaar, relevante testgegevens (bijvoorbeeld LC50 vis).

De informatie in deze rubriek moet overeenkomen met de informatie die is verstrekt in een
eventueel vereiste registratie, en/of in een eventueel vereist chemisch veiligheidsrapport.

Beschrijf de belangrijkste eigenschappen waarvan op grond van de aard van de stof of het preparaat en de te verwachten gebruiksmethoden te verwachten valt dat ze een effect op het milieu zullen hebben. Soortgelijke informatie dient te worden verstrekt over gevaarlijke producten die ontstaan bij de afbraak van de stof of het preparaat. Deze informatie kan het volgende omvatten:

12.1. Ecotoxiciteit
Daaronder vallen relevante beschikbare gegevens over watertoxiciteit, zowel acuut als chronisch voor vis, schaaldieren, algen en andere waterplanten. Daarnaast moeten toxiciteitgegevens over micro- en macro-organismen in de bodem en andere voor het milieu relevante organismen, zoals vogels, bijen en planten, worden opgenomen, voorzover deze beschikbaar zijn. Indien de stof of het preparaat inhiberende effecten op de activiteit van micro-organismen heeft, moet het mogelijke effect bij rioolwaterzuiveringsinstallaties worden vermeld.

Voor registratieplichtige stoffen worden samenvattingen van de informatie die is afgeleid van de toepassing van de standaardinformatie voor stoffen zoals beschreven in de REACH verordening.

12.2. Mobiliteit
Het vermogen van de stof of de betreffende bestanddelen van een preparaat* om, indien zij in het milieu terechtkomen, naar het grondwater of ver van de plaats van lozing te worden getransporteerd.

Relevante gegevens kunnen zijn:
– bekende of voorspelde distributie over milieucompartimenten;
– oppervlaktespanning;
– absorptie/desorptie.
Zie rubriek 9 voor andere fysisch-chemische eigenschappen.

12.3. Persistentie en afbraak
Het vermogen van de stof of de betreffende bestanddelen van een preparaat* om in relevante milieumedia te worden afgebroken, hetzij langs biologische weg of via andere processen zoals oxidatie of hydrolyse.
Halveringstijden van de afbraak moeten worden vermeld als zij beschikbaar zijn. De mogelijkheid dat de stof of de bestanddelen van een preparaat* in waterzuiveringsinstallaties worden afgebroken, moet eveneens worden vermeld.

12.4. Mogelijke bioaccumulatie
Het vermogen van de stof of de betreffende bestanddelen van een preparaat* om zich in biota te accumuleren en uiteindelijk in de voedselketen te worden opgenomen, met vermelding van de Kow en BCF, voorzover beschikbaar.

12.5 Resultaten van PBT-beoordeling
Indien een chemisch veiligheidsrapport vereist is, worden de resultaten gegeven van de PBT-beoordeling als vermeld in het chemische veiligheidsrapport.

12.6. Andere schadelijke effecten
Vermeld, indien beschikbaar, informatie over andere schadelijke milieueffecten, bijvoorbeeld ozonafbrekend vermogen, fotochemisch ozonvormend vermogen en/of broeikaseffect.

Opmerking:
Ook in andere rubrieken van het veiligheidsinformatieblad moet milieu-informatie worden verstrekt; hierbij gaat het met name om de adviezen om vrijkomen te beperken, de maatregelen bij accidenteel vrijkomen en de verwijderinginstructies in de rubrieken 6, 7, 13, 14 en 15.
* Deze informatie kan niet voor het preparaat worden gegeven, omdat zij specifiek voor de stof is. De informatie moet daarom worden gegeven, voor zover ze beschikbaar en relevant is, voor elke samenstellende stof in het preparaat die overeenkomstig de voorschriften in rubriek 3 van deze bijlage op het veiligheidsinformatieblad moet worden vermeld.

Rubriek 11:Toxicologie
Rubriek 13:Verwijdering